Kan
Inhoud
Komt overeen met
1,21 l
1 kan (Haagse kan)
Andersom: 1 m³ is 826,4463 kannen.
- Periode: tot 1820
- Streek: ’s-Gravenhage
- Handelswaar: wijn
Waarden
| Waarde | Komt overeen met | Periode | Gebruik |
|---|---|---|---|
| Haagse kan | 1,21 l | tot 1820 | wijn · ’s-Gravenhage |
| Utrechtse kan | 1,7 l | tot 1820 | wijn, azijn en gedistilleerd · Utrecht |
| overige kannenDe kleinste in de databank is Den Briel met 0,85 l voor bier, de grootste Bolsward met 3,95 l. Binnen één stad kon de kan voor bier, wijn en melk verschillen. | 0,85–3,95 l | tot 1820 | natte waren · overig Nederland |
| Nederlandse kan | 1 l | 1820–1870 | heel Nederland |
Waarvoor de maat werd gebruikt
De kan was de gewone schenkmaat voor bier, wijn, azijn, olie en melk, en stond als geijkt vat in herbergen en winkels.
De inhoud verschilde niet alleen per stad maar ook per waar: in Amersfoort was de bierkan 3,6 l en in Den Briel 0,85 l.
In het Nederlands metriek stelsel kreeg de liter de naam kan, waarmee de kan van 1820 tot 1870 overal precies 1 liter was.
Dat maakt de kan een van de lastigste maten in oude teksten: het verschil tussen de oude en de metrieke kan kan een factor vier zijn.
In het stelsel
Van 1820 tot 1870: 1 kan = 1 liter = 10 maatjes = 100 vingerhoeden; 100 kan = 1 vat.
Bronnen
- Meertens Instituut (KNAW), databank Oude Nederlandse maten en gewichten, ‘kan’
- Koninklijk Besluit van 29 maart 1817 houdende de Nederlandsche benamingen der maten en gewigten, Staatsblad 1817, nr. 15
- Nederlands metriek stelsel: overzicht van de Nederlandse benamingen en hun metrieke waarden, 1820–1870