Vat
Inhoud
Komt overeen met
29 l
1 vat (Amsterdams melkvat)
Andersom: 1 m³ is 34,4828 vaten.
- Periode: tot 1820
- Streek: Amsterdam
- Handelswaar: melk
- Zestien melkmengelen van 1,8 l.
Waarden
| Waarde | Komt overeen met | Periode | Gebruik |
|---|---|---|---|
| Amsterdams melkvatZestien melkmengelen van 1,8 l. | 29 l | tot 1820 | melk · Amsterdam |
| overige vatenDe grootste in de databank is Leeuwarden met 924 l. De inhoud hing volledig af van de waar en de plaats: bier, wijn en melk hadden elk hun eigen vat. | 29–924 l | tot 1820 | overig Nederland |
| Nederlands vat | 100 l | 1820–1870 | heel Nederland |
Waarvoor de maat werd gebruikt
Vat was voor 1820 geen maat maar een verzamelnaam: elk soort waar had zijn eigen vat, en de inhoud liep van 29 l tot ruim 900 l.
In de graanhandel viel het vat vaak samen met het schepel, zodat dezelfde maat twee namen had.
In het Nederlands metriek stelsel kreeg de hectoliter voor natte waren de naam vat, naast het mud voor droge waren.
Van 1820 tot 1870 betekent vat in officiële stukken dus precies 100 liter.
In het stelsel
Van 1820 tot 1870: 1 vat = 100 kan = 1 hectoliter. Als graanmaat was het vat in veel plaatsen hetzelfde als het schepel.
Bronnen
- Meertens Instituut (KNAW), databank Oude Nederlandse maten en gewichten, ‘vat’
- Koninklijk Besluit van 29 maart 1817 houdende de Nederlandsche benamingen der maten en gewigten, Staatsblad 1817, nr. 15
- Nederlands metriek stelsel: overzicht van de Nederlandse benamingen en hun metrieke waarden, 1820–1870